Home Nieuws Activiteiten Kom langs Voor ieder Jeugd IVN

Wilg (Salix)

Biologie

Wilgen houden van vochtige groeiplekken. Ze komen vaak voor langs de waterkant. In Nederland zijn vele wilgensoorten inheems die ook onderling vruchtbaar zijn. Het is dus niet altijd makkelijk om van een wilg de precieze soort te bepalen. Veel voorkomende soorten zijn kraakwilg, schietwilg, katwilg, amandelwilg en boswilg.

Wilgen zijn tweehuizig, dat wil zeggen dat de mannelijke en vrouwelijke bloemen (katjes) aan verschillende bomen voorkomen.
Sommige wilgensoorten bloeien erg vroeg in het voorjaar. Hun stuifmeel en nectar zijn daarmee een belangrijke energiebron voor de insecten die dan al rondvliegen zoals hommels, solitaire bijen en sommige vlindersoorten.
De bladeren verschijnen na de bloei. De wilg maakt vruchtpluis dat door de wind wordt verspreid.

Herkomst en gebruik

Wilgensoorten komen van nature over de hele wereld voor, behalve in Australië. Sommige soorten groeien makkelijk uit tot boom, andere komen niet verder dan struikvorm.
In het algemeen worden wilgen niet erg oud, ca. 50 jaar. Omdat het zulke snelle groeiers zijn kunnen het in die tijd toch enorme bomen worden. Om het risico van scheuren en omwaaien te verminderen worden veel wilgen geknot. Dit moet wel regelmatig gebeuren omdat de geknotte bomen weer snel uitgroeien.

Door de snelle en weelderige groei is de wilg in veel culturen een symbool van vruchtbaarheid. Treurwilgen daarentegen worden geassocieerd met het dodenrijk en zijn daarom vaak op kerkhoven te vinden.

Wilgenhout werd en wordt veel gebruikt voor vlechtwerk. In vakwerkbouw werden matten van wilgentenen ingesmeerd met leem en leverden aldus de wanden van de huizen op.
De erosie van dijken werd tegengegaan door het neerlaten van zinkstukken: matten van wilgenteen die werden verzwaard met basaltblokken.
Net als populierenhout wordt ook wilgenhout gebruikt bij de fabricage van klompen.

De bast van bijvoorbeeld de schietwilg bevat salicine, een stof die verwant is aan de pijnstiller aspirine. Vroeger kauwde men op stukjes bast of maakte er een aftreksel van, om pijn te bestrijden.

Waar te zien?

Monumentale bomen van deze soort in de gemeente Valkenswaard:
Schietwilg bij de Markt